dansattributen

 

 

In de OriŽntaalse Dans kan de danseres attributen gebruiken bij haar dansvoorstelling.  Deze zijn meestal genomen uit het dagelijkse leven en zo geÔntegreerd in de dans. Ze zijn verschillend naargelang de dansstijl, de muziek en het land.

De meest gebruikte dansattributen zijn:

 

De sluier

De sluier is een stuk stof, meestal uit zijde of een andere lichte, doorzichtige stof, die gebruikt wordt als decor bij het dansen. Ze geeft een golvend effect en is als het verlengde van de danseres zelf. Ze roept sferen op van 1001 nachten met een hoog droomeffect.

Het begin van het gebruik van de sluier situeert zich in de jaren 1920-1930, onder westerse invloed, toen de danseressen van Cairo op het podium begonnen te dansen en ze meer ruimte hadden dan de plaatsen waar ze gewoon waren op te treden.

In een klassieke dansroutine wordt de sluier meestal gebruikt bij de intro van de dans, om het grootse, theatrale te benadrukken als de danseres opkomt. Na veel draaien en wervelwinden zal ze de sluier laten vallen en zo verder dansen.

horizontal rule

De stok

De stok komt uit Opper-Egypte waar die gebruikt wordt bij volksspelen onder mannen. De danseres heeft deze genomen uit het dagelijkse leven en gebruikt als speeltje, om mannen na te doen of er grappen over te maken.

Men kan de stok op het hoofd laten balanceren, hem in de lucht gooien, of op de heupen leggen. Op het ritme van de muziek wordt er tevens mee op de grond geklopt.

horizontal rule

De vingercimbalen

Vingercimbalen zijn kleine ronde metalen muziekinstrumenten die om de middelvinger en de duim gedaan worden. Ze verschillen van naam naargelang het land: in Egypte worden ze "Zagats" genoemd, in Turkije "Zills". Er bestaan verschillende maten van cimbaaltjes met allemaal hun eigen klank.

Ze zijn vooral populair in Turkije waar de danseres er bijna voortdurend mee danst. In Egypte worden ze tegenwoordig alleen maar bij bepaalde muziekstukken gebruikt of is er een muzikant van het orkest die vingercimbaaltjes speelt. Oorspronkelijk kondigde de danseres zich daarmee aan bij het publiek.

horizontal rule

Het zwaard

Het zwaard staat voor mannelijkheid en kracht en komt voor in Turkse dansen. De danseres kan het zwaard op haar hoofd laten balanceren, er mee rondraaien, het op de heup leggen, enz. Vaak wordt het gebruikt bij het dansen op de grond waarbij het zwaard op het hoofd blijft liggen terwijl de danseres acrobatisch slangenbewegingen uitvoert, meestal op een trager ritme zoals Shiftitelli.

horizontal rule

De kandelaar

De kandelaar, teken van het licht, is te vergelijken met een enorme kandelaar vol brandende kaarsen.  Deze blijft dan gedurende het dansen op het hoofd van de dansers staan.

In Marokko wordt ook wel gedanst met een plateau op het hoofd vol kleine kaarsjes.



Terug